![]() |
| Tour de France 1926-Jules Buysse in actie "Honderd jaar geleden" |
Spagaat
Tournotities 2026/11
Nostalgie is ook niet meer wat ze geweest is. Het is de titel van de memoires van de Franse iconische actrice Simone
Signoret (“La nostalgie n’est plus ce qu’elle était”). Het boek
heb ik tot dusver nog nooit (of nog niet) gelezen maar de titel blijft al bijna
een halve eeuw als een soort mantra doorklinken in mijn hoofd. Het dreuntje
schoot me gisteren nog ‘s te binnen toen ik met veel aandacht de boeiende
kritische opmerkingen las van twee van mijn geliefde facebook-publicisten over
het moderne wielrennen. Voor nostalgie is daar inderdaad nog maar weinig plaats.
Het was Sammy Roelant die in zijn post van gisteren de kat de bel aanbond.
Terecht wees en wijst hij in zijn post op het
“sportswashing”-fenomeen waarin o.a. de Emiraten - en dus de grote sponsor van het
UAE-team van Tadej Pogacar - een grote en grove rol spelen. Een andere
Facebook-vriend van mij, en niet de minste, Pascal Cornet reageerde prompt op
de opmerkingen van Sammy. Hij bleef daarbij net wat milder gestemd tegenover de
coureurs zelf:
“Maar je hebt gelijk, Sammy. Alleen, het is niet de schuld of
verantwoordelijkheid van die coureurs. Het is het commerciële model. Het
reclamemodel. Het gebrek aan ethische codes daarin. Organisatoren die vooral
uit zijn op geldgewin”.
Ik ben geneigd om mij bij zijn reactie aan te
sluiten maar één ding is zeker: kritisch moeten we blijven.
Een heel interessant artikel over ‘sportswashing’ stond
verleden jaar al in Knack. Dit o.a. naar aanleiding van het WK in Rwanda
waarbij president Paul Kagame gretig gebruik maakte van de mogelijkheid tot
Sportswashing. Toen schreef Jonas Creteur o.a.
“Het wielrennen worstelt al jaren met de groeiende, donkere schaduw van sportswashing.
Teams als UAE Team Emirates en Israel-Premier Tech, het WK 2025 in Rwanda of
het One Cycling Project, gesteund door Saudi-Arabië: allemaal voorbeelden die
ethische vragen oproepen over sponsoring, mensenrechten en de rol van geld.
Opvallend vaak blijft het daarover stil. Te stil.”
De verwevenheid van de hoogste regionen van de sportbonden met de politiek is
verpletterend. IOC, Fifa, UCI… Allemaal blijken ze gerund te worden door
figuren die niet verlegen zitten om de essentiële wet van de sport die zegt dat
sport hoort te verbinden en niet te verdelen ongegeneerd met de voeten treden. Infantino
gaat wat graag op de foto met Trump, Lappartient met Kagame… Enzoverder, enzovoort.
De morele spagaat waarin onze sporthelden vandaag de dag zitten (en dat wellicht niet eens zo aanvoelen) is een complex gegeven. Ik denk
niet dat je kunt verwachten dat één van hen zich kritisch gaat uitlaten
tegenover wie hen betaalt. In het gewone leven zie ik een werknemer ook maar
zelden zijn hoofd boven Het Maaiveld uitsteken. Tenzij hij of zij bewust de
deur wil gewezen worden.
Jonas Creteur in Knack van 11/7/2025
"Als Tadej Pogacar zich geen vragen stelt over zijn sponsors, mogen journalisten het niet nalaten dat wel te doen"
Het Maaiveld - Een boek van Pascal Cornet
Zie ook mijn Rwanda-notitie van verleden jaar:
Het volk zal juichen
Facebook-post Do 16/7/2026






















